Risico’s, besturing en democratie

Een bestuurskundige beschouwing

Eugène Meuleman | 2014

Het afgelopen jaar is een groot aantal interessante publicaties verschenen over publiek risicomanagement. Op een tweetal van deze publicaties wil ik nader ingaan: het Global Risks Report 2014 van het World Economic Forum en het verslag “Risico’s en bedreigingen 2014” van het Analistennetwerk Nationale Veiligheid (ANV).

Eugène Meuleman

Global Risks 2014, World Economic Forum (WEForum)

Ons leven verandert in hoog tempo. Transformaties in ons milieu, onze economische, geopolitieke, sociale, en technologische systemen bieden ongekende kansen en mogelijkheden, maar dragen soms ook grote risico’s in zich, zo is de conclusie van het WEForum. Het Global Risks Report benadrukt het belang van het (her)kennen van systematische risico’s, hun onderlinge samenhang en langetermijndenken om ze te mitigeren. Op basis van een survey onder 700 topleiders en beleidsmakers zijn 31 “global risks” geïdentificeerd.

De risico’s met de “highest concern” zijn volgens het WEForum: economische crisis, hoge structurele werkloosheid en water crises. De risico’s met de grootste impact en waarschijnlijkheid (“high impact and high likelihood”) hebben betrekking op het milieu en de economie. Risico’s die de grootste samenhang vertonen met andere risico’s (“interconnected risks”) zijn vooral van macro-economische aard. De afname in het vertrouwen van instituties en het toenemend gebrek aan politiek-bestuurlijk leiderschap zijn volgens het WEF trends, om actief te monitoren op hun potentiële negatieve maatschappelijke effecten.

Lees verder

Pleidooi voor Integrale Besturingsparagraaf

Over de afstemming van inhoud en sturing

Michel Klompmaker | 2018

Tijdens het RiskCongres Lokaal Bestuur, 17 januari 2018 op het provinciehuis in Utrecht, spreekt een groep experts over de kernpunten van governance en control, betrekking hebbend op gemeentelijke organisaties.

ir. Jack P. Kruf tijdens zijn keynote op het provinciehuis in Utrecht. (2018), Risk & Compliance Platform Europe.

Jack Kruf bepleitte in zijn keynote een veel sterkere verbinding tussen de inhoud en de sturing van beleid. Door de veelheid aan belangen en belanghouders, de segmentatie van vakmanschap en overheidslagen, alsmede de fragmentatie van kennis rondom vraagstukken, doen gemeenten volgens hem er wijs aan meer tijd te nemen voor een ex ante besturingsparagraaf.

Lees verder

Risicosessies college B&W Assen

Over gemeentelijke strategie, bestuurskracht en risicomanagement

Jan Willem Dijk, maart 2014

Eén van de speerpunten waarlangs de gemeente Assen werkt aan verbeteringen en verdere implementatie van risicomanagement is het werken met risicosessies. Met het structureel en periodiek houden van risicosessies blijven we werken aan een betere bewustwording in de organisatie als het gaat om risicomanagement en een aanscherping van de verschillende rollen.

Naast ambtelijke risicosessies voor projecten, programma’s of specifieke onderwerpen worden periodiek sessies met het college gehouden. In deze sessies staan strategische risico’s en kansen centraal. Met deze sessies komen we tot een compleet beeld ervan. Graag wil ik mijn ervaringen als concerncontroller van de gemeente Assen delen als het gaat om de eerste twee risicosessies met het college.

Eerst strategische agenda vaststellen

Als eerste stap om het college warm te laten lopen voor risicosessies hebben we in de kadernota weerstandsvermogen en risicomanagement met de raad de afspraak vastgelegd dat we met het college twee sessies gaan houden over strategische risico’s. Dat heeft ook geholpen om de raad en de accountant nieuwsgierig te maken naar de uitkomsten. Zij moesten echter nog even geduld hebben. Met het college hadden we er namelijk voor gekozen om eerst de structuurvisie te actualiseren.

Aan de hand van de thema’s van de structuurvisie en het Collegeprogramma hebben we met het college in verschillende sessies in 2013 de ambities voor de komende jaren aangescherpt en geprioriteerd. Per thema heeft dit geleid tot een top 5 aan ambities. Deze strategische agenda vormde de basis voor de eerste risicosessie met het college.

Verdere voorbereidingen

Met het college hebben we er bij stilgestaan wat bedoeld wordt met strategische risico’s. Zo hebben we afgesproken dat in risicosessies met het college geen aandacht wordt besteedt aan operationele risico’s. Daarvan mag het college ervan uitgaan dat deze ambtelijk in beeld zijn.

Waar het wel om gaat is het vanaf een afstand in beeld brengen (helikopterview) van omstandigheden die zich kunnen voordoen, waardoor de lange termijndoelstellingen van de gemeente niet worden gerealiseerd. Oftewel risicovolle ontwikkelingen die zich binnen de gemeente afspelen of kunnen voordoen c.q. nog op de gemeente af kunnen komen. Dus is het voor het college van belang deze strategische risico’s tijdig te onderkennen.

Ook hebben we voorbeelden van soorten strategische risico’s genoemd: politieke risico’s, imago risico’s (reputatieschade), aansprakelijkheidstellingen, veranderingen in het economisch klimaat, macro economische ontwikkelingen, effecten van provinciaal- en rijksbeleid en wijzigingen in de nationale – en/of Europese regelgeving. Tot slot hebben we het college gevraagd om naast de thema’s uit de structuurvisie ook de overige strategische thema’s van de gemeente vast te stellen. De strategische thema’s staan steeds centraal bij risicosessies met het college.

Eerste risicosessie met het college

In deze sessie (december 2013) stond het voorzien van de geactualiseerde structuurvisie van een risico- en kansenparagraaf centraal. Ambtelijk waren voorbereidingen getroffen door de risico’s en kansen te inventariseren. Deze werden echter achter de hand gehouden, want we wilden eerst het college vragen welke risico’s en kansen zij onderkennen als afgeleide van de gekozen ambities.

Per thema kregen de leden van het college steeds 5 minuten de tijd om in het rood de risico’s op te schrijven en in het zwart de kansen. Na afloop konden we gelijk op een scherm alle risico’s en kansen laten zien welke ambtelijk en door het college waren geïnventariseerd. Dubbelingen waren eruit gehaald en risico’s met een sterke overeenkomst werden gebundeld. Wij eindigden dan ook de eerste risicosessie met het vaststellen van de risico’s en kansen.

De sessie werd begeleid door de communicatieadviseur van het college. Hij maakte het college er steeds op attent om zonder politieke inkleuring de risico’s en kansen te benoemen. Het ging immers om een inventarisatie van omstandigheden welke op de gemeente af kunnen komen. De beleidsregisseur, verantwoordelijk voor de structuurvisie, en ik ondersteunden de risicosessie.

Evaluatie

Aanvankelijk was het de bedoeling om in de tweede sessie het college de risico’s te laten scoren om zo tot een top 5 aan risico’s per thema te komen. Na een evaluatie van de eerste sessie koos het college er echter voor om niet meer op een dergelijke wijze met risico’s aan de slag te gaan. Zij vonden dat alles verder ambtelijk kon worden uitgewerkt. Enerzijds jammer, want we waren enthousiast over de ‘opbrengst’ van de risicosessie, maar anderzijds geeft het ook vertrouwen dat het college het vervolg na de inventarisatie overlaat aan de ambtelijke organisatie. Dus werd ambtelijk een top 5 aan risico’s opgesteld en hebben we de uitwerking van de risico’s onderdeel laten uitmaken van de verdere programmatische uitwerking van de ambities. Daarbij wordt ook de strategie bepaald op basis waarvan de risico’s worden beheerst en kansen worden benut.

Tweede risicosessie met het college

Bij de evaluatie in het college over de eerste risicosessie is ook invulling gegeven aan de tweede sessie. In eerste instantie wilden wij naast het scoren van de risico’s van de eerste sessie het college vragen de risico’s en kansen te inventariseren van de overige beleidsthema’s/programma’s welke geen onderdeel uitmaken van de structuurvisie.

Dit wilde het college dus niet meer. Daarvoor in de plaats hadden zij een centrale vraag voor de volgende sessie geformuleerd: waar lig je bestuurlijk gezien wakker van. Opnieuw schoven de beleidsregisseur en ik aan bij de tweede sessie (januari 2014) en opende de communicatieadviseur de bijeenkomst met deze vraag.

Daarna is het college 1,5 uur met elkaar in gesprek geweest over wat zij op de gemeente af zien komen. De portefeuillehouders kozen in eerste instantie voor het benoemen van risico’s vanuit hun eigen portefeuille. Daar werd vervolgens over en weer op gereageerd en vonden aanvullingen plaats om zo steeds tot een compleet beeld van een ingebracht onderwerp te komen. De burgemeester vatte regelmatig samen, zodat de opbrengst steeds tussentijds werd gedeeld. Zonder ambtelijke voorbereidingen en met één simpele vraag een dergelijke risicosessie ingaan is dus zeer succesvol gebleken.

Hoe verder?

Met het college hebben we bij de afronding van de sessie afgesproken de uitkomsten niet in een verslag terug te laten komen in het college. Het gegeven dat het college zich heeft uitgesproken over strategische risico’s was voor het college op dat moment voldoende. Vervolgens heb ik de hoofdlijnen van deze risicosessie samengevat en ingebracht in het Gemeentelijk Management Team. Met daarbij het verzoek om relevante onderdelen hiervan terug te laten komen in de planning en controlproducten; hetgeen ook met het college was afgesproken.

Bibliografie

Dijk, J.W. (2014). Risicosessies college B&W Assen: Over gemeentelijke strategie, bestuurskracht en risicomanagement. In J.P. Kruf & E.J. Frank. Publiek Risico: Essays, Stichting Civitas Naturalis, 2020, pp. 461-465.

Operationeel risicomanagement: meer dan alleen compliance

Over de echte toegevoegde waarde

Willem Peter de Ridder | april 2007

Inleiding

Alle ondernemingen lopen operationele risico’s, variërend van stormschade aan een gebouw, systeemstoringen en het vertrek van belangrijke medewerkers tot boekhoudfouten, interne/externe fraude en misleiding van aandeelhouders.

De zonnewijzer als symbolisch handvat voor oriëntatie.

Sinds beruchte schandalen bij ondernemingen als Barings, Enron, Worldcom, Parmalat, Shell en Ahold staat operationeel risicomanagement hoog op de agenda van ondernemingen, wetgevers en toezichthouders. Operationeel risico is het risico van verlies als gevolg van inadequate of falende interne processen, mensen en systemen of als gevolg van externe gebeurtenissen.

Lees verder

Good Public Governance

Vertrouwen sleutelwoord voor transparante overheid

Jan Klaassens | 2006

Op 5 oktober 2006 organiseerde de BNG het congres Good Public Governance. Onder leiding van bestuursvoorzitter Pim Vermeulen werd van gedachten gewisseld over de manier waarop de diverse overheidslagen het onderling wantrouwen kunnen verminderen en het vertrouwen van de burgers kunnen herwinnen. Biedt governance de sleutel om als overheid effectiever te kunnen werken?

Het zijn vooral de affaires in het bedrijfsleven, die hebben geleid tot de regels en codes die we nu kennen. Maar de link naar de overheid, en overigens ook de andere daaraan gelieerde instellingen, is gemakkelijk te maken. Uit de hand lopende kosten van grote projecten, fouten in procedures die tot claims leiden, dienstverlening die onder de maat is: voor veel burgers zijn dit de eerste associaties die men heeft bij het optreden van de overheid. 

Het vertrouwen in de overheid is gering. Dat is niet alleen een imagoprobleem, maar soms ook terecht. En waar slecht presterende bedrijven kunnen worden gemeden, kunnen we voor veel zaken niet om de overheid heen. De bewustwording dat het beter moet, groeit gelukkig bij de overheid. Dat geldt zowel voor het politieke niveau als voor de ambtelijke organisatie. Maar daarmee dreigt een ander gevaar.

Lees verder

‘Risico’s zijn te managen, niet uit te sluiten’

De eerste stappen in Europa

Jos Moerkamp, interview Allan Vendelbo | oktober 2006, BNG Bank

Drijvende kracht achter het Europese netwerk voor risicomanagement, PRIMO Europe, is Allan Vendelbo. Hij is president van de Europese Vereniging van Gemeentesecretarissen UDITE, en voorzitter van PRIMO Europe (in oprichting, red.). Vendelbo was gemeentesecretaris van de Deense gemeente Ballerup en is nu onafhankelijk consultant. Vendelbo wil niet beweren dat PRIMO iets geheel nieuws uitvindt.

‘Natuurlijk is risicomanagement van alle tijden. Nieuw is wel dat we het onderwerp van het uitvoeringsniveau naar het strategische niveau tillen. In gemeenten zijn we lange tijd gewend geweest risico’s af te wegen op het moment dat uitvoerders voor de vraag kwamen te staan wat de beste of veiligste weg was. Wat PRIMO bepleit is op politiek-bestuurlijk niveau naar risico’s te kijken.’

Waarom is dat belangrijk?

‘Omdat de gevolgen van het niet of verkeerd inschatten van risico’s steeds groter worden. De samenhang tussen beleidsvelden is in onze Europese samenleving groot. Als zich ergens een niet-voorzien probleem voordoet, vertaalt zich dat naar tal van andere beleidsvelden. Dat geldt voor calamiteiten als een overstroming of een andere ramp. Maar dat geldt ook voor de gevolgen van sluiting van een grote onderneming die haar productie naar Azië verplaatst. Dan gaat er meer mis dan dat een flink aantal mensen werkloos wordt. Het is belangrijk goede inschattingen te maken van de risico’s van zo’n gebeurtenis.’ Lees verder

ISO 31000: Oude wijn in nieuwe zakken

Een inhoudelijke vergelijking tussen ISO 31000 en COSO ERM

Urjan Claassen* | april 2009

In juni 2007 is de ISO 31000 ‘Guidelines on principles and implementation of risk management’ geïntroduceerd. Deze richtlijn beoogt een algemeen geaccepteerd referentiekader te bieden voor het inrichten van risicomanagement. Maar biedt deze standaard vernieuwende inzichten op het gebied van risicomanagement. Voegt het inhoudelijk iets toe?

In deze bijdrage wordt een nadere beschouwing gegeven rondom de inhoud en toegevoegde waarde van de ISO 31000 door een vergelijking te maken met het meest gangbare model voor risicomanagement: COSO ERM.

Lees verder