TNO Bouw en GeoDelft ontwikkelen methodiek voor risicobeheersing en kennismanagement

Over integratie en afstemming in besturing

Marguerite Snijders Tachet | mei 2004

De uitvoering van grote infrastructurele projecten en werken heeft vergaande gevolgen voor de omgeving, vooral in stedelijke gebieden. Om de overlast tot een minimum te beperken en de beschikbare expertise efficiënter op elkaar af te stemmen, heeft TNO Bouw samen met GeoDelft een methodiek ontwikkeld voor risicobeheersing en kennismanagement. In enkele gemeenten zijn inmiddels pilots afgerond.

Bouwinnovatie in Milaan. Foto © Jack Kruf

Oorverdovend is het lawaai soms, automobilisten laten luid claxonerend van hun onvrede blijken. Sinds in een aanpalende straat de weg is opgebroken, zorgt de omleiding van het verkeer voor ellenlange rijen auto’s. Burgers zijn de verkeersopstoppingen en geluidsoverlast beu. De middenstand klaagt over de slechte bereikbaarheid. Het afronden van de wegwerkzaamheden kan de detailhandel niet snel genoeg gaan.

Lees verder

Het geheim van risicomanagement

John O’Dea | april 2009

Risicomanagement is zo oud als Methusalem. Hoewel er in het boek Genesis niets te vinden is dat erop wijst dat Adam en Eva een risicobeoordeling uitvoerden, hadden hun en onze wereld er misschien anders uitgezien als ze erover hadden nagedacht. 

John O’Dea, Secretary General PRIMO Europe and President PRIMO Malta[

De wereld had er misschien ook anders uitgezien als de ontwikkelde landen – met hun naar verluidt geavanceerde managementtools – deze hadden toegepast met de basisintegriteit die in elk geformaliseerd risicomanagementproces wordt verondersteld. De schokken van BSE, vogelgriep, milieuveranderingen, 9/11 en andere recente en minder recente crises die de wereld waarin we leven een nieuwe vorm hebben gegeven, hadden we misschien kunnen voorkomen of op zijn minst beperken.

Lees verder

Een norm voor het weerstandsvermogen

Hulpmiddel in het risicomanagementbeleid

Dick Smorenberg* | 2006

Het Besluit begroting en verantwoording (BBV) schrijft gemeenten voor een risicoprofiel op te stellen, expliciet risicomanagementbeleid te voeren en op basis van hun risicoprofiel het (financiële) weerstandsvermogen in beeld te brengen. Nu, twee jaar na de invoering ervan, blijken veel gemeenten hier nog mee worstelen.** Een algemene norm voor het weerstandsvermogen zou gemeenten niet alleen concrete handvatten geven, maar de kaderstellende taak van de gemeenteraad en de controletaken van vooral de provincie aanzienlijk vereenvoudigen. Waarom is er dan geen norm gesteld?

Dick Smorenberg

In de toelichting op artikel 11 van de BBV staat dat het aan de provincies en gemeenten zelf is een beleidslijn te formuleren over de in de organisatie noodzakelijk geachte weerstandscapaciteit. Hierdoor heeft het Ministerie van Binnenlandse Zaken er vanaf gezien een algemene norm te stellen, dit omdat gemeenten onderling zo zeer van elkaar verschillen dat het niet mogelijk wordt geacht een algemene norm te stellen dienaangaande. De vraag is of deze stelling van het ministerie juist is.1

Lees verder

Risicoregelreflex als grootste risico in de zorg

Over dilemma’s en passende gedragsregels

Rob Ellermeijer | april 2015

Na een lange periode van zorgwekkende publiciteit over de drie decentralisaties in de zorg en de participatiewet zijn wij het moment van invoering gepasseerd. 1 januari 2015 was vooraf een onneembare vesting. De mensen die minder goed ingevoerd waren in wat er nu precies ging gebeuren hadden via de media een beeld gekregen alsof de wereld zou vergaan.

Rob Ellermeijer

Alles zou uitgesteld moeten worden. Dit was onverantwoord. Gemeenten zouden deze taken nooit aankunnen. Volop ingrediënten om de risicoreflex aan het werk te zetten. Gelukkig is daar vanuit het kabinet en de kamer op een beheerste manier mee om gegaan en zijn er slechts maatregelen getroffen om de invoering nog wat soepeler en beheerster te laten plaatsvinden. Geen uitstel, geen afstel maar meer informatie om mensen nog wat beter inzicht te geven in het veranderproces.

Lees verder

Risk Appetite & Tolerance

Guidance Paper

Richard Anderson | september 2011

Anderson: “Er wordt vaak gezegd dat geen enkel bedrijf winst kan maken zonder risico te nemen. Hetzelfde geldt voor alle organisaties: geen enkele organisatie in de private, publieke of derde sector kan haar doelstellingen bereiken zonder risico te nemen. De vraag is alleen hoeveel risico ze moeten nemen. En toch kan het nemen van risico’s zonder het bewust managen van die risico’s leiden tot de ondergang van organisaties…”

Principes en benadering

De volgende uitgangspunten liggen ten grondslag aan ons werk op het gebied van risicobereidheid:

  1. Risicobereidheid kan complex zijn. Overdreven eenvoud, hoewel oppervlakkig gezien aantrekkelijk, leidt tot gevaarlijke wateren: het is veel beter om de complexiteit te erkennen en ermee om te gaan, in plaats van deze te negeren.
  2. Risicobereidheid moet meetbaar zijn. Anders bestaat het risico dat uitspraken leeg en nietszeggend worden. We promoten geen individuele meetbenadering, maar fundamenteel is het belangrijk dat bestuurders begrijpen hoe hun prestatiebepalende factoren worden beïnvloed door risico. Aandeelhouderswaarde kan een geschikt uitgangspunt zijn voor sommige particuliere organisaties, stakeholderwaarde of ‘Economic Value Added’ kan geschikt zijn voor andere. We verwachten ook dat er meer gebruik zal worden gemaakt van belangrijke risico-indicatoren en belangrijke controle-indicatoren die binnen of buiten de organisatie beschikbaar moeten zijn. Relevante en nauwkeurige gegevens zijn van vitaal belang voor dit proces en we dringen er bij bestuurders op aan om ervoor te zorgen dat er hetzelfde niveau van gegevensbeheer is voor deze indicatoren als voor routinematige boekhoudkundige gegevens.
  3. Risicobereidheid is niet één vast concept. Er zal een reeks van bereidheid zijn voor verschillende risico’s die op elkaar moeten worden afgestemd en deze bereidheid kan in de loop van de tijd veranderen: het tijdsaspect van risicobereidheid is een belangrijk kenmerk van deze hele ontwikkeling.
  4. Risicobereidheid moet worden ontwikkeld in de context van de risicomanagementcapaciteit van een organisatie, die een functie is van risicocapaciteit en risicomanagement-volwassenheid. Risicomanagement blijft een discipline in opkomst en sommige organisaties, ongeacht hun omvang of complexiteit, doen het veel beter dan andere. Dit is deels te wijten aan hun risicomanagementcultuur (een onderdeel van de algemene cultuur), deels aan hun systemen en processen, en deels aan de aard van hun activiteiten. Zolang een organisatie echter geen duidelijk beeld heeft van zowel haar risicocapaciteit als haar risicomanagementvolwassenheid, is het niet duidelijk welke aanpak zou werken of hoe deze geïmplementeerd zou moeten worden.
  5. Risicobereidheid moet rekening houden met verschillende visies op strategisch, tactisch en operationeel niveau. Met andere woorden, hoewel de UK Corporate Governance Code een strategische visie op risicobereidheid voor ogen heeft, moet risicobereidheid in feite in de hele organisatie aan de orde komen om praktisch zinvol te zijn.
  6. Risicobereidheid moet worden geïntegreerd met de controlecultuur van de organisatie. Ons raamwerk onderzoekt dit door te kijken naar zowel de neiging om risico te nemen als de neiging om controle uit te oefenen. Het raamwerk bevordert het idee dat het op strategisch niveau verhoudingsgewijs meer gaat om het nemen van risico’s dan om het uitoefenen van controle, terwijl op operationeel niveau de verhoudingen grofweg omgekeerd zijn. Het is duidelijk dat de relatieve verhoudingen afhangen van de organisatie zelf, de aard van de risico’s die zij loopt en de regelgeving waarin zij opereert.

Risico en controle

Wij denken dat deze tweeledige focus op het nemen van risico’s en het uitoefenen van controle zowel vernieuwend als cruciaal is voor een goed begrip van risicobereidheid en risicotolerantie. De innovatie zit niet in het kijken naar risico en controle – dat doen alle raden van bestuur.

De innovatie zit in het kijken naar de interactie van risico en controle als onderdeel van het bepalen van risicobereidheid. Op strategisch niveau wordt waarschijnlijk verhoudingsgewijs meer tijd besteed aan het nemen van risico’s dan op operationeel niveau, waar de focus waarschijnlijk meer ligt op het uitoefenen van controle. Maar één waarschuwing: we stellen strategie niet gelijk aan het bestuursniveau en operationeel niet aan de lagere niveaus van de organisatie.

Een raad van bestuur zal net zo graag willen weten of de operaties onder controle zijn als dat hij toezicht wil houden op de ontwikkeling en implementatie van de strategie. In het gedetailleerde document hebben we enkele suggesties opgenomen over hoe raden van bestuur deze dubbele verantwoordelijkheid zouden kunnen overwegen. Bovenal zijn we erg gericht op de noodzaak om risico’s te nemen en niet zozeer op de traditionele vooringenomenheid van veel risicomanagementprogramma’s, namelijk het vermijden van schade.

Bibliografie

Anderson, R. (2011). Risk Appetite & Tolerance Guidance Paper. Crow Horwath for Institute of Risk Management.

Download Risk Appetite & Tolerance. (Engels)

Selectie en vertaling door Jack Kruf

National Risk Register 2025

HM Government, UK | 16 January 2025

The National Risk Register (NRR) is the external version of the National Security Risk Assessment (NSRA), which is the government’s assessment of the most serious risks facing the UK. It provides the government’s updated assessment of the likelihood and potential impact of a broad range of risks that may directly affect the UK and its interests. 

The NRR is aimed at risk and resilience practitioners, including businesses and voluntary and community sector organisations. The NSRA now operates as a dynamic assessment process, with risks reassessed on a more regular basis to reflect the changing risk landscape. This version of the National Risk Register is the first to align with that dynamic process, drawing from the latest risk information available.

Lees verder

OECD Emerging Risks 2003

The Organisation for Economic Co-operation and Development (OECD) | 2003

Wat is er nieuw aan grote risico’s in de 21e eeuw? De afgelopen jaren zijn we getuige geweest van een groot aantal grootschalige rampen van verschillende aard over de hele wereld: enorm verwoestende windstormen en overstromingen in Europa en ijsstormen in Canada; nieuwe ziekten die zowel mensen (AIDS, het Ebola-virus) als dieren (BSE) infecteren; terroristische aanslagen zoals die van 11 september 2001 in de Verenigde Staten en de aanval met Sarin-gas in Japan; grote verstoringen van kritieke infrastructuren veroorzaakt door computervirussen of gewoonweg technische storingen.

Dit zijn slechts enkele van de zeer kostbare rampen die de afgelopen jaren hebben plaatsgevonden. Toch lijkt niet alleen de aard van de grote risico’s te veranderen, maar ook de context waarin ze zich voordoen en het vermogen van de samenleving om ze te beheersen. De krachten die deze veranderingen vormgeven zijn talrijk en gevarieerd. Weersomstandigheden lijken bijvoorbeeld steeds extremer te worden.

Lees verder